Voorwoord

Kaft201902 De kiesplicht vervuld. De stemmen geteld. De zetels verdeeld. Regeringsonderhandelingen afgerond of nog gaande. Zou daarbij ons VAV-memorandum ergens tussen de paperassen liggen? En staat de koelkast voor een noodzakelijke en blijkbaar ook door Franstaligen gewenste -al is dat maar ter wijziging van een eigen ingevoerde financieringsregeling- verdere staatshervorming nu open? Hoe vult de landelijk grootste partij statutair programmapunt 1 eindelijk in, nu er voor de invoering van het confederalisme wordt gegaan? Wordt grondwetsartikel 35 eindelijk uitgevoerd?

Concreet: Wordt werk gemaakt van de vereenvoudiging en efficiëntie van het gezondheidsbeleid. Krijgen de Vlamingen daarbij maximale kansen voor eigen klemtonen? Komt er echt een responsabilisering voor dat eigen beleid? Komen er samenhangende bevoegdheidspakketten, met gelijktijdig een significante besparing tot gevolg?

Niet langer alleen Vlamingen stellen het bestaan van een “twee-democratieën-land” vast. Citaat uit Franstalige socialistische bron: “Het grootste probleem van Wallonië is dat het Gewest onvoldoende waarde creëert om uit het dal te kunnen kruipen. Wallonië heeft 100.000 arbeidsplaatsen te kort in het bedrijfsleven.
Maatschappelijke sectoren als non-profitorganisaties en overheidsdiensten creëren dan weer onvoldoende toegevoegde waarde. Bovendien is er een probleem met de productiviteit. Het komt altijd op  hetzelfde neer: we hebben niet genoeg financiële manoeuvreerruimte.” En dat lazen we al vóór de 26ste mei.

En ook de stelling dat de taalgrens een zorggrens is, wordt niet meer ontkend. Tweede citaat: “Nooit was de kloof tussen Noord en Zuid zo diep. De manier waarop de gezondheidszorg in de praktijk wordt gebracht kan men enkel begrijpen in een bredere cultuurhistorische context. Vlaams-Waalse verschillen zijn slechts de overgang van een noord-zuid as die loopt doorheen Europa. Hoe noordelijker, hoe minder antibiotica worden voorgeschreven en dat geldt ook voor het voorschrijven van kalmeermiddelen, gebruik van medische beeldvorming, de mate waarin patiënten de inschrijving in een huisartsenpraktijk acceptabel vinden, de mate waarin artsen open staan voor het hanteren van  evidence-based richtlijnen in de praktijk.”

Recent werd bevestigd dat een ruime meerderheid van Vlaamse artsen gaat voor een solidaire opsplitsing van de bevoegdheden voor Volksgezondheid. Dat is  uitgerekend ook de unieke missie van het Vlaams Artsenverbond. En daartoe blijft het Verbond ook op diverse wijzen actief. De artsencontingentering en de toelating tot het artsenberoep blijven hoog op de agenda prijken. Deelstaten verantwoordelijkheid geven voor het beheer van een eigen Sociale Zekerheids-budget, of dus bestedings- en financieringsautonomie behoudt alle aandacht. De demografische evolutie in Brussel en de Vlaamse Rand met de gevolgen voor de volksgezondheid baart steeds meer zorgen.

Daartoe organiseert VAV op 12 oktober te Brussel opnieuw een tweejaarlijks wetenschappelijk Symposium, onder de titel, ”Gezondheidszorg voor de Vlamingen”, met bijzondere aandacht voor Brussel en de Vlaamse Rand. In dit nummer het definitieve programma, en gelijktijdig een uitnodiging. Het bestuur rekent op een groot engagement en verwacht daarom ook groot aantal deelnemers. Van harte welkom.

En voor nu, veel leesplezier in deze Periodiek. En -waarom niet- ook tijdens een verdiende zonnige zomervakantiedag. Het is elkeen toegewenst.

Geert Debruyne, voorzitter

Voorwoord

Kaft201801 Verkiezingen: een feest van de democratie. Dat bij de laatste statutenaanpassing de frequentie van (bestuurs-) verkiezingen om de twee jaar behouden werd zal wellicht daar zijn oorsprong vinden.

Maar is dat wel echt zo. Ik mag voor de derde maal op rij met een warm en bemoedigend applaus de voorzittershamer twee jaar ter hand nemen. Als er maar één kandidaat is, bestaat er geen andere bevestiging van de geambieerde opdracht. Meer dan een decennium (ik vermoed nu minstens zes opeenvolgende verkiezingen) werden evenmin voor de bestuursleden echte (geheime) verkiezingen gehouden. Meer nog, één enkel iemand kwam er 10 jaar geleden bij, en dan zou ik me kunnen vergissen, maar ik denk dat hij toen naderhand werd aangesproken en gewoon gecoöpteerd. Een andere paar enkelingen kwamen en gingen weer. De anderen bleven trouw en standvastig op post en werden (ook weer -nu tot onze grote droefenis- één iemand uitgezonderd) evenzeer met warm en welgemeend applaus op de officiële algemene ledenvergadering ‘herverkozen’. Allemaal zijn we hoe dan ook dus ook tien jaar ouder geworden …

Als je daar rekening mee houdt dan lijkt het halen van het eeuwfeest er nog net wel in te zitten. En even herinneren: dat vieren we al in 2022. Maar wat over opnieuw een decennium? Ik schreef vier jaar geleden toen ik net voorzitter werd naar Ovidius: “Omnia mutantur, nihil interit” – “Alles verandert, niets gaat te gronde”. Kunnen we daar nu nog zo zeker van zijn? Tal van acties tot ledenwerving werden er al opgezet. De meest professionele en ook wellicht duurste naar aanleiding van de naamsverandering in 2016/2017. Het mocht nooit baten. De harde werkelijkheid is die van tal van (Vlaamse) verenigingen: het ledenaantal blijft onverminderd en gestaag dalen …

In 2018 betaalden welgeteld nog 260 artsen VAV-lidgeld; of heet het beter gewoon abonnementsgeld op Periodiek. Een flinke 42 % genoot hierbij van een reductietarief en ik hoef niemand te zeggen dat dat nagenoeg uitsluitend om ‘artsen zonder praktijk’, lees ‘artsen van 65 of (veel) ouder’ gaat. Kan het een troost zijn dat het afkalven van ledenaantallen voor zeer veel gevestigde organisaties de realiteit van deze 21ste eeuw is. Misschien, maar wat koop je daarvoor. Evenmin als met de waarheid dat zoveel (eeuwen) oude gilden, broederschappen, orden en noem maar op allemaal tot geschiedenis verworden zijn. Stelt zich evenwel ook niet de vraag of het Vlaams Artsenverbond nog wel nodig blijft. Nu dát misschien uit de grote desinteresse eigenlijk vrij duidelijk blijken kan. Toch blijft dat clubje van ‘laatsten der Mohikanen’, misschien voor bepaalde dossiers als enige bij de les. Ik heb het maar over de saga over de contigentering. Ook zo voor de ononderbroken geldstromen van noord naar zuid; nu zelfs gewoon als de echte, ook enige reden voor de bestaansgrond van België erkend door de grootste Franstalige politieke partij. Of de onontwarbare bricolage die er werd gemaakt van het gezondheidsbeleid te lande, door zes opeenvolgende staatshervormingen. De laatste als het summum zonder meer. Wat wij al brachten op ons symposium in 2017 en wat opnieuw pro memorie gebracht zal worden aanstaande op 12 oktober. Dat feit wordt overigens ondertussen erkend door alle grote Vlaamse gezondheidsorganisaties, de ziekenfondsen inbegrepen …

En wat te denken van de grote afstand tussen ‘de eerstelijnsarts- centraal’ in Vlaanderen met preventie als eerste beleidsdaad versus het hospitalocentrisme aan Franstalige kant, met Brussel voorop! En dat alles terwijl fatsoenlijk ge(con)federeerde staten, zoals Canada, Zwitserland, ook Spanje, de lijst is niet exhaustief, allang en met grote tevredenheid het gezondheidsbeleid met in begrip van financiering aan de autonome deelstaten, kantons of provincies hebben toevertrouwd.

Automatische instroom van Nederlands onkundige artsen terwijl Vlaamse studenten voor de toelatingsproeven moeten slagen. Of is dat door een merkwaardig stemmingsresultaat nu echt bij wet van de baan? De flagrante weigering het gegeven woord na te komen qua noodzakelijke contigentering voor artsen aan Franstalige kant. De verloren winst qua kostprijs van curatieve zorg (federaal gefinancierd) in Vlaanderen gerealiseerd dankzij een veel intensiever preventief gezondheidsbeleid. De tweespalt rond de netwerkvorming tussen ziekenhuizen, en een onopgelost probleem voor Brussel. Vlaanderen wil niet dat Vlaamse ziekenhuizen een netwerk vormen met ziekenhuizen uit de andere gemeenschap. Zo krijg je dan immers netwerken waar ziekenhuizen aan andere erkenningsnormen moeten voldoen.

Een problemenlijst zonder einde. Is de vraag naar onze bestaansreden is dus toch overbodig? Of is de schrik voor het einde van het VAV dus juist zeer terecht? Nodig blijven we dus in elk geval. Maar hoe onze missie realiseren anno 2019. Laat ons niet naïef zijn op een ogenblik dat lobbying tot standaard verheven is in de ganse politieke, maar ook economische wereld. Maar moet dat lobbyen dan niet via een andere leest. Want wees eerlijk wie ligt er wakker van een exclusief Vlaamse artsenorganisatie van maar 150 professioneel actieve artsen. Een andere professionelere ‘leest’, lobbywerk vanuit het VAV. Oké, maar hoe doen we dat? Ik weet het antwoord persoonlijk niet, ook al borrelt bij mij toch het verlangen naar de pure politieke actie, desnoods opnieuw gecombineerd met pure beroepsbelangenverdediging op. Alle gezondheidswerkers, dus ook artsen mogen toch wel hun belangen vooropstellen bij de invulling van hun beroepsuitoefening. En het artsensyndicalisme ontstond uitgerekend binnen het toenmalige Vlaams Geneesherenverbond en bleef er deel van tot begin van de zestiger jaren het RIZIV werd opgericht.

Vele vragen. Moeilijke antwoorden. Maar dé opdracht bij uitstek van de volgende twee bestuursjaren. De saneringen van de voorbije twee legislaturen laten dat zelfs misschien ook budgetair toe. Aan ons om er naar te handelen. Gedurfd, innovatief, wellicht beroepdoend op professionele derden. Ik ben er met het bestuur alvast toe bereid en dank elk VAVlid voor het vertrouwen. Ik dank u

Geert Debruyne, voorzitter

Voorwoord

Kaft201803Op 29 september 2018 trof mij op een zeer ochtendlijk uur in Bangkok, waar ik in grote vreugde de geboorte van mijn jongste kleinkind beleefde, de zeer droevige boodschap over het overlijden van Dr. Robrecht Vermeulen, decennialang en nog steeds actief verbondsbestuurslid, tevens oud-voorzitter. Het was wel bekend dat hij zich uit zijn vele bestuursfuncties zou terugtrekken om onuitgesproken gezondheidsredenen. Het heengaan kwam voor mij toch zeer verrassend aan. Hij was immers nog aanwezig op de bijeenkomst eind augustus voor de voorbereiding van het aanstaande VAV-symposium en bracht zelf nog persoonlijk twee sprekers aan. Hij lichtte er -herinner ik me bijna letterlijk- zijn visie over de verdere staatshervorming glashelder toe rond de sleutelelementen van voor Franstalig België levensnoodzakelijke financiële transfers en de rol van Brussel.

We verliezen met hem een monument in de Vlaamse strijd. Een man met eerlijk sociaal bewogen engagement. Een man met consequent rechtlijnige ideeën over gezondheidsbeleid, en het grote gebrek eraan in zijn zeer dierbaar Vlaanderen, in het algemeen en zijn Brussel en de “Rand” in het bijzonder.

Ik bood in naam van de raad van bestuur, voor alle VAV-leden én -sympathisanten onze innige deelneming in rouw en leed bij dit afscheid aan zijn echtgenote en familie aan. In dit nummer vindt u een op de uitvaart uitgesproken ‘in memoriam’. Zelf moest ik me op zo’n 10.000 km afstand afwezig melden. Mijn gedachten waren evenwel zonder grenzen toch daar aanwezig; triest, een beetje verslagen, maar ook trots in dankbare herinnering aan een groot man, een trouwe vriend.

Vandaag is 2019 reeds aangevangen. Een nieuw jaar met voor alle Vlamingen een bijzondere gebeurtenis in het verschiet. De zoveelste “moeder van alle verkiezingen” staat gepland. En voorwaar kan dat deze keer ook geen holle frase blijken. Moeten we immers bijvoorbeeld de ministeriële bocht over een fors verhoogde tewerkstellingsgraad in Wallonië en Brussel als oplossing voor de federale staatsschuld, de intentie van het grootste ziekenfonds tot op het spoor zetten van twee gezondheidsfondsen, zelfs de onderhandelingen tussen drie voordien onverzoenbare partijen in de grootste Vlaamse stad, niet interpreteren als een voorzichtig openen van de koelkast, waarin sedert 2014, straks 5 lange jaren, elk woord over verdere staatshervorming geborgen ligt. Sprak men niet over “Spelen met de kaarten zoals de kiezer ze gelegd heeft”. Daarom mag een sprankel hoop alvast bij deze jaarwende. En dromen mag toch al altijd. Stel dat inderdaad na mei de kiezer de kaarten in Vlaanderen, respectievelijk in Franstalig België zo gedeeld heeft dat een absolute meerderheid op rechts staat tegenover een gelijkaardige status aan de andere kant voor links. Komt dan uiteindelijk de grote stap naar confederalisme echt ter tafel bij regeringsonderhandelingen? Gaat dus elk dan echt wel zijn eigen gewenste weg met marginaal behoud van een gemeenschappelijke staat voor buitenlands- en defensiebeleid? Het Vlaams Artsenverbond bereidt in ieder geval deze (definitieve) scheiding op vlak van gezondheidsbeleid voor met het wetenschappelijk symposium van 12 oktober as te Brussel. “Gezondheidszorg voor de Vlamingen” met een bijzondere aandacht voor de situatie in Brussel en de “Rand”. Het thema aangebracht door wijlen Robrecht Vermeulen aan wiens herinnering het symposium in zijn geheel opgedragen wordt.

In naam van de raad van bestuur wens ik alle leden en de vele sympathisanten van het verbond een voorspoedig en gelukkig 2019 toe.

Geert Debruyne, voorzitter

Voorwoord

Kaft201803Zomertijd. Komkommertijd. Er valt dus geen nieuws te melden en dan gaat een voorzitter de alternatieve toer op. Maar aan komkommers heeft, tenzij als gezonde groente, niemand iets. Geen voorwoord dus. Maar plaats voor het culturele programma van dit najaar.

Of toch wat. Na meer dan 200 jaar wordt de stichter van de Gentse Universiteit gepast door de stad gehuldigd. Eindelijk
volgt de erkenning voor de grote verdiensten van deze vorst voor Vlaanderen en in het bijzonder voor de stad Gent, want naast de universiteit Gent, zijn ook het kanaal Gent-Terneuzen, de Floraliën, de ziekenzorg voor psychiatrische patiënten, het Nederlandstalig stadsonderwijs, een uniform decimaal muntstelsel, de eerste technische school van het land in de toenmalige textielhoofdstad van Europa er dankzij hem gekomen.

Bezielende kracht achter deze realisatie is gewaardeerd VAV-lid, Prof. Em. Dr. Alexander Evrard. Maar nu is kiezen toch weer verliezen. De inhuldiging van het standbeeld van koning Willem I van het Koninkrijk der Verenigde Nederlanden vindt plaats op zaterdag 20 oktober op de Bisdomkaai te Gent. En uitgerekend dan wordt VAV in de barokstad Antwerpen verwacht. Voor mij is de keuze moeilijk en makkelijk in een. Een generaal hoort bij zijn troepen. Zo ook een voorzitter bij zijn vereniging. Tot ziens in Antwerpen.

Voorwoord

Kaft201802Vuye en Wouters, de twee onafhankelijk zetelende “V”-Kamerleden, sedert een fundamenteel meningsverschil over de te volgen communautaire strategie ex-N-VA, brachten een vuistdik Brusselboek uit. “Vlaanderen voltooid. Met of zonder Brussel”. Het vertrekpunt is dat Vlaanderen niet goed weet wat het met Brussel moet. Sedert de 6de staatshervorming is er immers een nieuwe logica in de Brusselse instellingen geslopen, waarbij gemeenschapsbevoegdheden zoals kinderbijslag en kraamgeld niet zijn overgedragen aan de Vlaamse en Franstalige Gemeenschap maar aan een Brusselse instelling, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie (GGC), die bevoegd is voor bicommunautaire aangelegenheden van gewestelijk belang. Deze evolutie strookt niet met de institutionele architectuur die sinds 1970 wordt uitgewerkt. Voortaan kunnen de Franstaligen het volkomen logisch vinden om gemeenschapsbevoegdheden aan het gewest toe te wijzen. Zo ook werd de wettelijk niet bestaande ‘Fédération Wallonie- Bruxelles’ daartoe ingesteld. Wat met de kinderbijslag is gebeurd dreigt natuurlijk bij een verdere overdracht van bevoegdheden in de gezondheidszorg bij een volgende staatshervorming.

Naast deze funeste evolutie, die door een verlengd doodzwijgen van de communautaire problemen enkel wordt bestendigd, treft de Brusselse Vlaming een tweede onheil sedert “De Vlaamse wachtdienst voor huisartsen te Brussel“ werd opgedoekt. In de nu werkzame GBBW, “Garde Bruxellois ‑ Brusselse Wachtdienst” wordt de tweetaligheid immers niet gegarandeerd. VAV eiste dat deze ééngemaakte wachtdienst in Brussel enkel zou mogen werken met tweetalige artsen, die hun tweetaligheid bewezen hebben door een taalexamen bij Selor. Quod non!

In Brussel, maar onverminderd ook de Vlaamse Rand rond Brussel staat het aanbod van Nederlandstalige gezondheidszorg steeds meer onder druk. De multiculturalteit met meer dan 100 gesproken talen en de verdere bevolkingstoename kan niet worden ontkend. Niet enkel de zes faciliteitengemeenten, maar de volledige Vlaamse rand en tot ruim daarbuiten worden meer en meer door niet-Vlamingen, meestal Nederlandsonkundigen, bewoond. Anderzijds kunnen 10 % Brusselse Vlamingen wellicht hooguit een minderheidsbescherming claimen. De institutionele banden tussen Vlaanderen en Brussel doorknippen zoals sommigen voorstellen onder de slogan ‘Brussel aan de Brusselaars’ moet absoluut worden vermeden. Hoe de positie van de Brusselse Vlamingen versterken? Dat moet prioritair staan voor Vlaamse onderhandelende partijen bij de federale regeringsvorming na de volgende parlementsverkiezingen in 2019. Daartoe zal het Vlaams Artsenverbond een substantiële bijdrage leveren via een wetenschappelijk Symposium over het brede thema ‘Brussel en de Vlaamse rand’ met uiteraard een bijzondere aandacht voor de organisatie, het aanbod en de dagelijkse (taal-)praktijk in de diverse echelons van de gezondheidszorg. Het organisatie comité nu al druk doende her en der ideeën te sprokkelen, neemt ruim één jaar voor datum in augustus aanstaande een officiële start. VAV-leden kunnen nu reeds 12 oktober 2019 in hun (elektronische) agenda noteren. Van harte aanbevolen.

En voor vandaag veel boeiend leesgenot in deze nieuwe Periodiek en aansluitend een warme, gezellige en ontspannende zomer gewenst.

Aanvullende gegevens

Met dank aan onze sponsors.